zaterdag 19 augustus 2017

Edgar Allen Poe, of: de wording van een Nobel Speech

Onder druk wordt alles vloeibaar. Bob Dylan leverde Tweede Pinksterdag zijn Nobel Speech in. Deze toespraak is een vereiste om het geldbedrag van 820.000 euro op zijn rekening gestort te krijgen. Niet dat de dichter het om het geld hoeft te doen. Maar je bent schrijver of je bent het niet: als auteur wil je vooral schrijven. Dat je dan ook nog gelezen wordt, is mooi meegenomen.
Hoe Dylan zijn Nobel Speech schreef, weet ik natuurlijk niet. Van zijn creatieve proces weet ik niets. Het enige dat ik weet, is dat er een stelregel is die ook bij Dylan van toepassing is: inspiratie is gewoon discipline. Je kunt van schrijven een kantoorbaan maken. Bij het maken van de Nobel Speech stel ik me het volgende voor.
Dat Dylan voor zijn boekenkast staat en met zijn vinger langs de ruggen van de boeken gaat. Hoe omvangrijk is diens bibliotheek? Ik vermoed enorm, net als zijn muziek-afdeling. Immers, in alle seizoenen van de Theme Time Radio Hour liet de dj Dylan veel muziek uit zijn eigen archief horen. En daarbij, de universiteit van Tulsa (Oklahoma) heeft een verzameling van 6000 aantekeningen, handgeschreven songteksten, gedichten, foto's, geluidsopnames en filmpjes van de zanger.
Dylan staat dus voor zijn privé-collectie met boeken. En bedenkt zich welke boeken hem inspireerden als literair schrijver. Zoals hijzelf toelicht in zijn Speech: “Specific books that have stuck with me ever since I read them way back in grammar school – I want to tell you about three of them: Moby Dick, All Quiet on the Western Front and The Odyssey.”
Onder druk wordt alles vloeibaar. Ik stel me zo voor dat Dylan zijn toespraak schreef in het Pinksterweekend. En dat hij bij geval stuitte op Herman Melville, Erich Maria Remarque en Homeros. Hij had ook kunnen kiezen voor bijvoorbeeld Edgar Allen Poe. Want de invloed van de schrijver en dichter is onmiskenbaar. The Raven, één van Poe's bekendste gedichten, komt voor in Love Minus Zero/No Limit: My love, she's like some raven / At my window with a broken wing.
Of neem een titel als The Tell-Tale Heart, een horrorverhaal uit 1843. Ik hoor hier de titel in terug van aflevering 8 uit The Bootleg Series, Tell Tale Signs. Misschien doe ik dat zelf wel en is die link er niet. Evenmin als die raaf, bij het raam met een gebroken vleugel. Ik vul het allemaal in, achteraf en zonder de schrijver zelf te raadplegen.
Alsof het er ook maar iets toe doet. Want dit is wat literatuur met je doet: verbindingen leggen, vooral via je fysieke bibliotheek. Als je een lezing moet geven en geen idee hebt wat je moet zeggen, kun je altijd langs de ruggen van de boeken in je bibliotheek. Op zoek naar een aantal titels, die je geholpen hebben.
Wanneer je een week later weer een blik werpt op je boeken, haal je er drie andere titels uit. Zo werkt dat dan.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen